Postbank ruwer dan andere banken
UTRECHT - Laten we hem voor het gemak Jan noemen. Hij is 18 jaar, heeft niet veel opleiding genoten en werkt bij Defensie met een tijdelijk contract.Hij krijgt in 2002 een lening van de Postbank van 2500 euro. Die lening zet de bank een jaar later om in een doorlopend krediet van 7000 euro. Hij is dan nog maar 19.
,,Typisch de Postbank, vindt Ger Jaarsma, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet: gemakkelijk kredieten verstrekken en lastig doen als iemand niet kan aflossen. Zo met het een keer mislopen. Dat kun je op je vingers natellen, als zon jonge knul zich z in de schulden kan steken.
Het loopt mis. Jan komt niet aan de bak nadat zijn contract afloopt. Zijn schulden lopen op tot 21.000 euro en hij belandt uiteindelijk in de zomer van 2005 bij de Gemeenschappelijke Kredietbank Friesland.
Naast het doorlopend krediet van 7000 euro dat helemaal op is, heeft hij een huurachterstand en schulden bij de tandarts, de zorgverzekeraar, de NS en zijn energieleverancier. In totaal zijn er 24 schuldeisers.
Er is n lichtpuntje: hij heeft werk gevonden. Na een mislukte poging in het buitenland om in de horeca te gaan werken, is hij aan de slag gegaan als kok in een hotel.
De deal die de Friese schuldhulpverlener wil maken: alle schuldeisers krijgen in drie jaar tijd zestig procent van hun geld terug. Jan krijgt drie jaar lang, na aftrek van zijn aflossing en vaste lasten, veertig euro per week.
Dan word je echt afgeknepen, hoor. Dat is niet veel. Bovendien is zestig procent veel. Vaak lukt het om tien of twintig procent terug te krijgen.
Het wonderlijke gebeurt: 23 schuldeisers gaan akkoord, alleen de Postbank weigert. Jan belandt daardoor in het wettelijke traject. Dat is merkwaardig, want daarmee dupeert de Postbank zichzelf en ook de andere schuldeisers omdat de kosten veel hoger uitvallen in het wettelijke traject. Het lijkt er op dat de klant moet bloeden.
Onredelijk, vindt Jaarsma. Vreemd bovendien. Het verbaast mij dat de Postbank zich niet houdt aan de gedragscode voor schuldhulpverlening. Dat zijn regels waarvan zij nota bene zelf de mede-ontwerpers zijn.
De Postbank gebruikt volgens Jaarsma geregeld onzinargumenten om niet akkoord te hoeven gaan met voorstellen van schuldhulpverleners. Dan zeggen ze nee tegen een voorstel, omdat er zogenaamd niet is aangetoond dat er geen reguliere betalingsregeling mogelijk was. Terwijl de code voorschrijft dat wij pas met een voorstel komen als zon regeling onmogelijk blijkt. En dat weten ze.
De Postbank gaat normaal gesproken nooit in op individuele gevallen van clinten vanwege de privacy, maar maakt nu een uitzondering omdat hier sprake was van rechtzaken. Een woordvoerster noemt het geval van Jan behoorlijk extreem. Wij hebben voldoende alternatieven geboden en zagen in het voorstel onvoldoende zekerheden. We vinden het jammer dan meneer Jaarsma zich negatief over ons uitlaat.
In de rechtszaal heeft de rechter de Postbank tot tweemaal toe in het gelijk gesteld. Tja, ze hebben het wettelijke recht om te weigeren, reageert Jaarsma. Maar daardoor zit Jan nu wel onnodig in een zwaarder traject.
Bron: Algemeen Dagblad 16 maart 2007